Die verslaving herken ik ook. Toch streef ik vooral naar de rechte lijn terug in de geschiedenis (1595) van zowel mijn vader als mijn moeder. Nu al 600 personen.
Maar al die zij stapjes van broers, zusters, aangetrouwd, schoonouders etc. Je wordt steeds gretiger maar waar leg je de grens? In der Beschränkung zeigt sich der Meister, maar geldt dat ook in de geneologie?
Mijn familiegeschiedenis: zeven vragen aan MyHeritage gebruiker Paul Smis
- Door MyHeritageNL


MyHeritage gebruiker Paul Smis uit Alphen aan den Rijn (64 jaar) is archivaris in ruste. Aan de Rijksarchiefschool werd hij opgeleid voor het bestuderen en bewerken van archieven van de Middeleeuwen tot ruwweg vlak na de Tweede Wereldoorlog (zowel particuliere archieven, als overheids- en bedrijfsarchieven).
Daarna volgde hij aan de Erasmus Universiteit een post-doctoraalstudie Informatie- en Documentmanagement. Zijn stamboom op MyHeritage bevat maar liefst 19.286 namen. Paul vertelt over zijn oneindige fascinatie voor genealogie: ‘Het is een hobby waar je gemakkelijk aan begint, maar gemakkelijk stoppen is er niet bij!’
1. Hoe is uw interesse in familiegeschiedenis gewekt?
In de tweede klas van de lagere school (tegenwoordig groep vier van de basisschool) hield de juf, aan het einde van een les, een boek omhoog. Op de kaft stond een kop van een Romeinse soldaat afgebeeld, met helm en al. Op geheimzinnige toon zei de juf: “De volgende keer gaan we het hebben over… de Romeinen!” Vanaf dat moment was ik verkocht. Belangstelling voor geschiedenis bleef een rode draad in mijn leven, en bepaalde mijn beroep- en studiekeuze. Ook heb ik veel te danken aan mijn moeder. Ze vertelde altijd over haar roemrijke voorouders. Grote huizen, personeel, koetsen en paarden, verre reizen, moedige daden en … de mesalliance van haar moeder, mijn grootmoeder. Geschiedenis, familiegeschiedenis en drama, ik kreeg het met de paplepel ingegoten.
2. Wat heeft u gevonden en hoe ver terug bent u gekomen?
Eerlijk gezegd nam ik de verhalen van mijn moeder destijds niet al te serieus. Ze waren te mooi, te romantisch en te fantastisch. Ik was werkelijk verbijsterd toen ik, jaren later, tijdens mijn onderzoek, ontdekte dat alles echt was gebeurd! De feitelijke familiegeschiedenis was zelfs nog fantastischer dan mijn moeder en grootmoeder ooit hebben geweten. Wat een prachtverhalen! Hoe ver ik ben gekomen? Ach, eigenlijk is dat niet belangrijk. Doordat ik nogal wat patriciërs tegenkwam in de lijnen van mijn moeder, was het niet moeilijk verbindingen te leggen met adel. En dan gaat een mens al gauw richting Karel de Grote en nog verder terug. Veel van die oude adellijke takken heb ik naderhand weer geschrapt. Ik wil graag kunnen bewijzen wat ik zeg. Een paar takken, die aan geen twijfel onderhevig zijn, heb ik laten staan. Ik hou me het liefst bezig met de periode 1450-1795, het Ancien Régime.
3. Kunt u vertellen over een bijzondere ontdekking, ervaring of moment in uw onderzoek?
Tijdens mijn werk als archivaris heb ik nooit de tijd genomen onderzoek te doen voor mijzelf. Toen ik al een paar maanden gestopt was met werken, typte ik eens voor de lol de volledige naam van mijn grootmoeder in op internet. Er rolde een lijst uit van voorouders tot ongeveer 1580. Een begin van de bevestiging van mijn moeders verhalen ontvouwde zich voor mijn verbaasde ogen. Wat een mazzel, wat een prachtig begin voor een toevallige genealoog!
4. Wat is uw doel bij het onderzoeken van de familiegeschiedenis? Wat brengt het u?
Ik ben een grillig mens. Mijn doel blijft nooit lang hetzelfde. Gewetensvol begin ik aan een onderzoek, maar steeds stuit ik weer op een ander leuk takje van de familieboom. En dan stort ik mij dáár weer op. Eigenlijk zit ik levenslang in de graai- en raapfase. Het verzamelen van voorouders, ach joh, zo leuk! Soms wil ik een boek schrijven over enkele leden van de familie, dan weer wil ik een transcriptie uitgeven van een brievenboek, dat in mijn bezit is. Ook het schrijven van een werk met anekdoten en interessante gebeurtenissen staat op mijn verlanglijstje. Maar ja, vind maar eens de concentratie en het uithoudingsvermogen om zo’n prachtstuk in één keer uit te werken! Eén doel blijft constant: bewijzen leveren bij de gevonden informatie. Ik vind het reuze bevredigend als ik kan aantonen dat mensen echt bestaan hebben, dat de voorvallen in hun leven werkelijk gebeurd zijn en dat de afstammingsreeks op een verantwoorde manier tot stand is gekomen.
5. Wat zijn de reacties van uw familie? Zijn de familieleden betrokken bij het onderzoek, of bijvoorbeeld actief lid van uw familiesite?
De reacties van de familie zijn voorzichtig, heel voorzichtig. Met de familie van mijn moeder heb ik geen contact. Contact met die familie is honderd jaar geleden al onmogelijk geworden, toen mijn grootmoeder het waagde met een arbeider te trouwen. De familie van mijn vader telt enkele zwarte schapen en de oudere familieleden vinden het niet leuk daar iets over gepubliceerd te zien. Ik heb het maar opgegeven een verhaal te schrijven over het leven van die familie tijdens de afgelopen anderhalve eeuw. Ik ben niet genealogie gaan bedrijven om mensen verdriet te doen. Ik vind het dus pas leuk worden vóór 1813. Familieleden betrekken bij mijn studie doe ik niet. Ik ben nogal streng op het punt van uitvoering en verantwoording van het onderzoek. Voor serieus onderzoek is veel kennis vereist.
6.Waarom zou u anderen aanbevelen, ook hun familiegeschiedenis te ontdekken?
Als je voor de rest van je leven onbegrepen wilt zijn, als je voor een belangrijk deel van je vrije tijd je partner in eenzaamheid wilt storten, of als je voor je verjaardag een historisch proefschrift wilt krijgen, dan moet je nodig genealogie gaan bedrijven. Lachen! Het is een hobby waaraan je gemakkelijk begint, maar gemakkelijk stoppen is er niet bij. Vaak mondt deze liefhebberij uit in een levenslange verslaving. Mensen die aan familiegeschiedenis doen, zijn doorgaans mateloos enthousiast over hun bezigheid. Wat wil een mens nou eigenlijk nog meer? Eerlijk, ik weet niets mooiers dan me wentelen in (familie)geschiedenis.
7. Welke tips heeft u voor anderen die hier ook mee bezig zijn?
1) Werk vanaf het heden naar het verleden, niet omgekeerd. Het is niet zo zinvol en ook niet gemakkelijk om vanuit een veronderstelde naamgenoot in de zeventiende eeuw een lijntje naar het nu te leggen.
2) Als je iets kunt bewijzen, doe dat dan ook meteen. Noteer het bewijs (en de vindplaats daarvan) direct. Zonde van je tijd als je dat later nog eens allemaal moet gaan opzoeken. En helemaal erg als je later niet meer weet hoe je ook al weer aan een bepaalde vondst bent gekomen…
Ik zal maar niet vertellen hoe vaak ik zelf tegen die regels heb gezondigd 🙂
Heeft u ook een mooi verhaal over uw onderzoek en familiegeschiedenis dat u zou willen vertellen in ons blog? Stuur dan een mail naar nederlands@myheritage.com. We kijken uit naar uw verhalen!

Jan Smeets
december 21, 2015
Heel herkenbaar met voorgeschiedenis en al. Ik lees hier vrijwel precies de werkwijze die ik ook volg(de). Zelfs de belangstelling voor de periode 1400-Napoleon stemt overeen. Ook de kijk op de belangrijke geschiedenisfiguren. Grandioos om dit ook eens te vernemen uit de bevindingen van iemand anders.